Je kent vast wel medegelovigen die met hun handen in de lucht God grootmaken. Veelal staand en soms gepaard met dans of knielend in aanbidding. Daar tegenover kennen we ook christenen die het liefst niet zingen of zij die het zonder enige lichamelijke expressie doen, zittend op hun stoel. Is het ene juist en het andere niet?
Het is niet logisch om te stellen dat als Miriam danste dat dit altijd bij het lofzingen hoort. In onze relatie met God gaat het in de hoofdzaak om wat er in ons hart leeft en dan is onze expressie daar een resultaat van. Paulus roept ons op om te zingen en God te loven in ons hart.
Onder het Oude Verbond waren het vaak de priesters die lofzangen zongen met instrumenten. Zij deden dit staand (2 Kronieken 7:6, Psalm 135:1-3). Dit heeft een duidelijk voordeel, want om goed te kunnen zingen, is staan beter dan zitten. Een goede houding is cruciaal om het beste resultaat te behalen.
Efeze 5
18 En word niet dronken van wijn, waarin losbandigheid is, maar word vervuld met de Geest, 19 en spreek onder elkaar met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen, en zing voor de Heere en loof Hem in uw hart, 20 en dank altijd voor alle dingen God en de Vader in de naam van onze Heere Jezus Christus.
De eerste reden om te zingen is om God groot te maken. De tweede reden is om elkaar op te bouwen in het geloof, want Paulus zegt hierboven dat we met elkaar zouden spreken door psalmen, lofzangen en geestelijke liederen. Bedoelt Paulus dat we liederen moeten opzeggen en niet zingen? Nee, Paulus wijst op de functie van het zingen, namelijk dat er vermaning en onderwijs vanuit gaat. Dit wordt duidelijk doordat Paulus eenzelfde oproep doet in een andere brief.
Dit principe komt ook terug in de brief aan Korinthe, waar Paulus schrijft over de geestelijke gaven en waar hij duidelijk stelt dat hij liever heeft dat er geprofeteerd wordt in de gemeente dan dat er in talen gesproken wordt. Je kunt namelijk wel in een andere taal tot God gaan bidden in de gemeente, maar daar worden andere gelovigen niet door opgebouwd, omdat ze het niet verstaan. Zo kun je ook in een andere taal tot God gaan zingen, maar als je broeder of zuster dat niet verstaat, dan heeft dat geen toegevoegde waarde binnen de samenkomst. In dat verband schrijft Paulus:
1 Korinthe 14
15 Hoe is het dan? Ik zal met mijn geest bidden, maar ik zal ook met mijn verstand bidden. Ik zal met mijn geest lofzingen, maar ik zal ook met mijn verstand lofzingen.
Met lofzingen met de geest bedoelt Paulus het zingen in een andere taal, namelijk een taal die door de Heilige Geest wordt ingegeven. Paulus legt uit dat dit enkel werkt tot opbouw van jezelf en niet nuttig is in de samenkomst van de gemeente.
Met lofzingen met verstand bedoelt Paulus het zingen met woorden die jij en je toehoorders wel begrijpen. Dat is dus zingen waardoor je medegelovigen opgebouwd worden.
Sommige geliefden vinden de Engelse liederen beter zingen dan de Nederlandse vertaling. Dat is heel begrijpelijk, maar als je begrijpt dat het zingen ook tot opbouw zou moeten werken, dan is het ook goed om na te gaan of iedere toehoorder het Engels machtig is.
‘Liederen spreken’ betekent dat we met wat we zingen anderen opbouwen
Het lofzingen dat hierboven in 1 Korinthe 14:15 genoemd wordt is hetzelfde woord als loof (de Heere) in Efeze 5:19. Jakobus roept jou op om God lof te zingen wanneer je vrolijk bent (Jakobus 5:13) en dat geeft aan dat jouw gevoel bepalend mag zijn voor wat je doet. Lofzingen is de vertaling van het Griekse woord psallo (ψαλλω) dat plukken betekent. Dit wijst op het tokkelen op een instrument. Dat het vertaald wordt met lofzingen is wel bijzonder, maar daar is wel een verklaring voor. Het komt namelijk nog een keer in het Nieuwe Testament voor.
Romeinen 15
9 en opdat de heidenen God zouden verheerlijken vanwege de barmhartigheid, zoals geschreven staat: Daarom zal ik U belijden onder de heidenen, en Uw Naam lofzingen. 10 En verder zegt Hij: Wees vrolijk, heidenen, met Zijn volk! 11 En verder: Loof de Heere, alle heidenvolken, en prijs Hem, alle volken!
Paulus schrijft in Romeinen 15:6 dat alle gelovigen, Jood en heiden samen, met één mond God zouden verheerlijken. Om aan te tonen dat het al voorzegd was dat ook de heidenen God zouden verheerlijken, citeert de schrijver het Oude Testament. Het eerste citaat (Romeinen 15:9) komt uit Psalm 18 en daarin wordt duidelijk waarom lofzingen niet zozeer over het tokkelen gaat, maar over werkelijk lofzingen.
Psalm 18
49 Daarom zal ik U, HEERE, loven onder de heidenvolken, voor Uw Naam zal ik psalmen zingen.
Het lofzingen is hier vertaald met psalmen zingen. Psalmen zingen is hier de vertaling van het Hebreeuwse woord זמר zamar. Zamar betekent zingen en muziek maken. De Septuagint heeft hier het woord זמר zamar vertaald met psalo (ψαλω), dat dus plukken betekent. Als je dit dus samenvat dan doen we ons lofzingen tot eer van God onder begeleiding van muziekinstrumenten.
Lofprijzen is God grootmaken met stem en muziekinstrumenten
De tekst uit Psalm 18:49 begint met de Heere loven. Dit heeft een mooie koppeling met het elkaar opbouwen door de liederen, want de betekenis van de grondtekst die hier gebruikt wordt is het belijden van de Heere. Dat belijden doen we door de goedheid en grootheid van God te benoemen (in het zingen).
Het tweede citaat (Romeinen 15:10) komt uit Deuteronomium 32, het gedeelte waaruit Paulus in Romeinen 10:19 al citeerde en daar uitleg gaf dat de gelovigen uit de heidenen degenen zijn die de Israëlieten tot jaloersheid zouden verwekken.
Deuteronomium 32
43 Juich, heidenen, met Zijn volk! Want Hij zal het bloed van Zijn dienaren wreken. Hij zal de wraak laten terugkomen op Zijn tegenstanders, en Zijn land en Zijn volk verzoenen!
Hier in Deuteronomium staat dat wij zouden juichen, dus als Paulus schrijft dat wij vrolijk zouden zijn, dan impliceert dit dat wij vrolijk roepen en het uitjubelen.
Het derde citaat (Romeinen 15:11) komt uit Psalm 117:1. De Psalm die uit maar 2 verzen bestaat.
Psalm 117
1 Loof de HEERE, alle heidenvolken; prijs Hem, alle natiën. 2 Want Zijn goedertierenheid is machtig over ons; de trouw van de HEERE is voor eeuwig. Halleluja!
Het loven is in het Hebreeuws Halal en wordt in vers 2 vertaald met het ons bekende Halleluja. Het is lofzingen tot eer van God. Het prijzen is God grootmaken in die zin dat Hij aan te bevelen is. Dat komt mooi overeen met waarom we onderling met liederen tot elkaar zouden spreken. Wij bevestigen dan namelijk wie God is en wat Hij gedaan heeft en dat is tot opbouw van iedere gelovige die dat hoort.
Als we nadenken over het juichen en vrolijk zijn, dan is het natuurlijk de vraag of hier ook een lichamelijke expressie bij hoort. Als we verder kijken in de Psalmen komen we het volgende tegen:
Psalm 47
2 Alle volken, klap in de handen; juich voor God met luide vreugdezang.
Het juichen voor God gaat hier gepaard met een luid vreugdegezang en het klappen in de handen. Dit is geen ingetogenheid, maar viering van overwinning. Ook wij hebben de overwinning behaald door onze Verlosser en daarom zouden wij ook prima kunnen klappen en juichen voor God.
Psalm 134
1 Een pelgrimslied. Kom, loof de HEERE, alle dienaren van de HEERE, u die nacht aan nacht in het huis van de HEERE staat. 2 Hef uw handen op naar het heiligdom en loof de HEERE.
Het loven van God gaat hier gepaard met het opheffen van de handen naar de plek waar God is. Hetzelfde komen we tegen in Psalm 63.
Psalm 63
3 Uw goedertierenheid is immers beter dan het leven; daarom zullen mijn lippen U prijzen.4 Zo zal ik U loven in mijn leven, in Uw Naam zal ik mijn handen opheffen. 5 Mijn ziel zal als met vet en overvloed verzadigd worden; mijn mond zal roemen met vrolijk zingende lippen.
We zouden onze lippen gebruiken om God te prijzen en vrolijk te zingen, ja Hem te loven en onze handen daarbij op te heffen. Het is goed om hierbij te benoemen dat wij dit grootmaken, juichen en prijzen doen vanuit ons hart zoals we lazen in Efeze 5. Het gaat in sommige gevallen nog een stap verder.
Psalm 149
3 Laten zij Zijn Naam loven in reidans, voor Hem psalmen zingen met tamboerijn en harp. 4 Want de HEERE is Zijn volk goedgezind, Hij zal de zachtmoedigen aanzien geven met heil. 5 Laten Zijn gunstelingen om die eer opspringen van vreugde, laten zij vrolijk zingen op hun slaapplaatsen.
Dansen en opspringen van vreugde zijn uitingen die horen bij het loven van God.
Het loven gaat hier gepaard met een dans en het psalmen zingen gepaard met tamboerijn en harp. Ja, het gaat hier om opspringen van vreugde. Het opstaan bij het loven van God komt ook terug in Nehemia 9:5. Het dansen voor God wordt ook genoemd in Psalm 150 en daarbij worden ook een aantal instrumenten genoemd.
Psalm 150
1 Halleluja! Loof God in Zijn heiligdom, loof Hem in Zijn machtig hemelgewelf. 2 Loof Hem om Zijn machtige daden, loof Hem om Zijn geweldige grootheid. 3 Loof Hem met geschal van de bazuin, loof Hem met luit en harp. 4 Loof Hem met tamboerijn en reidans, loof Hem met snarenspel en fluit. 5 Loof Hem met helder klinkende cimbalen, loof Hem met luid klinkende cimbalen. 6 Laat alles wat adem heeft de HEERE loven. Halleluja!
Het loven van God gaat hier gepaard met snaarinstrumenten, blaasinstrumenten en slaginstrumenten. Tegelijk zou alles wat adem heeft Hem loven en zou dit gepaard mogen gaan met dans.
